Een kleine windmolen thuis: wat kun je verwachten?
Een eigen windmolen in de tuin of op het dak klinkt aantrekkelijk. Je wekt dan ook stroom op als de zon zich niet laat zien. Maar de opbrengst hangt sterk af van de plek waar de molen staat. Vooral in een woonwijk kan het verschil tussen de verwachte en de werkelijke opbrengst groot zijn.
Kleine windmolens voor woningen bestaan in verschillende vormen en maten. Er zijn kleine windmolens met gewone wieken en compacte modellen die rechtop ronddraaien, soms ook windwokkels genoemd. De hoogte loopt grofweg uiteen van enkele meters tot ongeveer 15 meter. De uiteindelijke hoogte hangt af van de mast of het gebouw waarop hij staat.
Goed om te weten: we hebben het hier over kleine windmolens bij woningen, niet over grote windmolens of erfmolens.
Wanneer is een kleine windmolen interessant?
Een kleine windmolen kan interessant zijn als je op een ruime, open en windrijke plek woont. Denk aan een vrij erf in een kustgebied, met weinig hoge bomen of gebouwen in de buurt. Hoogte helpt daarbij. In een open gebied langs de kust kan op 10 meter hoogte al voldoende wind staan, maar dat is een algemene richtlijn.
Hoe hoger de molen staat, hoe minder last hij heeft van bomen en gebouwen en hoe gelijkmatiger de wind meestal is. Laat de locatie vooraf beoordelen door een gespecialiseerde leverancier.
Waarom woonwijken lastig zijn
Tussen huizen, schuttingen en bomen wordt de wind afgeremd. Ook ontstaan wervelingen en korte windvlagen. Een molen draait daardoor vaker langzaam of staat soms zelfs korte tijd stil. Dat gaat direct ten koste van de opbrengst.
Een plek die op straat winderig aanvoelt, is dus niet automatisch geschikt. RVO adviseert vooral ruimte aan de zuidwestkant, omdat in Nederland uit die richting vaak de sterkste wind komt. Hoe dichter de molen bij bomen, huizen of andere hoge objecten staat, hoe onrustiger en zwakker de wind meestal wordt.
Opbrengst en kosten
Fabrikanten claimen voor een kleine verticale windmolen soms een opbrengst van 1.000 kilowattuur per jaar. Dat is ongeveer een derde van het jaarlijkse stroomverbruik van een gemiddeld tweepersoonshuishouden in een tussenwoning of hoekwoning. Dat klinkt best interessant, maar volgens Milieu Centraal wordt die opbrengst in de praktijk bijna nooit gehaald. Daardoor duurt het vaak lang voordat de aanschaf is terugverdiend.
De prijzen lopen sterk uiteen. De molens zelf zijn verkrijgbaar vanaf zo’n 1000 euro. Grotere modellen kosten vaak een veelvoud daarvan. Naast de molen zelf moet je ook rekening houden met kosten voor de plaatsing, aansluiting en soms een stevige mast of aanpassing aan het dak. Daar komen onderhoud en eventuele reparaties nog bij.
Regels en omgeving
Voor een kleine windmolen heb je altijd een omgevingsvergunning nodig. Wil je een windmolen met wieken die een diameter van meer dan 2 meter hebben? Dan moet je ook voldoen aan milieuregels en is er een omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) nodig. Dat brengt extra kosten met zich mee.
Houd ook rekening met geluid, trillingen, bewegende schaduw en het uitzicht van omwonenden. Bij plaatsing op een dak kan bouwkundig onderzoek nodig zijn. Bespreek je plannen daarom op tijd met je buren. Zo voorkom je verrassingen en bezwaren achteraf.
Is een kleine windmolen de moeite waard?
Voor huishoudens in een gewone woonwijk is een kleine windmolen meestal lastig rendabel te krijgen. Zonnepanelen zijn eenvoudiger te plaatsen en de verwachte opbrengst is beter te berekenen.
Woon je in een gewone woonwijk? Dan zijn zonnepanelen bijna altijd de logischere keuze. Ze zijn eenvoudiger te plaatsen, veroorzaken geen geluidsoverlast en zijn meestal goedkoper in aanschaf. Ook is de verwachte opbrengst beter te berekenen.
DELTA Zonnepanelen
Met zonnepanelen van DELTA Energie bespaar je flink op je energierekening én ben je duurzaam bezig. Als je al stroom en gas van DELTA hebt, krijg je bovendien extra korting als je via DELTA zonnepanelen koopt. Mooi meegenomen toch?